Eind juni zetten René en Christine een van de mooiste Kilimanjaro Dirt Road Hashes uit in de solitaire heuvels bij Himo. Het laatste stuk klauteren was pittig, zeker met Steven op m’n rug … maar absoluut de moeite waard.
Author: zwets
Vakantie aan zee
Tanga heeft als zoveel andere havensteden die schoonheid van vergane glorie.
“Tanga is Sisal and Sisal is Tanga” was een stoere slogan totdat kunststoffen sisal verdreven naar de marge. Misschien was “Tanga is Sisal … And More!” achteraf verstandiger geweest.
Met het verdwijnen van de havenactiviteit lijkt ook de tijd zelf in Tanga langzamer te zijn gaan lopen, en wij genieten van het tempo. We gaan met zijn allen naar tandarts Fubusa die vorig jaar Ida’s gebroken tand repareerde. Dan, na een korte reparatie aan de achteras van de Land Rover, zwemmen in de baai.
Bij de Raskazone Swimming Club eten we een eenvoudige maar heerlijke lunch van verse vis en garnalen — een traktatie als je 400km landinwaarts woont!
Naar Haydom
Ik lever IT-ondersteuning voor een clinical trial naar diagnose van TB bij kinderen die wordt uitgevoerd in het Haydom Lutheran Hospital, 400km van Moshi. Ik doe dit werk normaliter op afstand, maar ben nu ook een keer on site geweest. En hoe! Vanwege de lange reis — meer dan een dag rijden waarvan het grootste deel over rough roads — ben ik met een collega, de projectleider en een auditor naar Haydom gevlogen.
Onze piloot, een vrijwilliger voor Pilots for Christ, vliegt in opdracht van de Mission Aviation Fellowship, een organisatie die ook periodiek teams van KCMC-artsen naar de afgelegen klinieken in Noord-Tanzania brengt. Het vliegtuigje is zo klein dat we ons gewicht en dat van onze bagage van tevoren moesten doorgeven, zodat het erop getrimd kon worden.
De vlucht is adembenemend. Ondanks het bewolkte weer hebben we uitzicht over de hele Ngorongoro krater en later Lake Manyara, en we vliegen laag over de steile rand van de Rift Valley.
De landingsbaan in Haydom is precies wat je je voorstelt bij een airstrip in Afrika. Een hobbelige strook zand en gras waar je grazende koeien verwacht; een decor uit “Out of Africa”. Toen ik uit het vliegtuigje stapte en de warme ochtendzon op mijn gezicht voelde was het eerste dat ik dacht: “Wie wil hier ooit nog weg?”.
Geen taxi’s, geen drukte, alleen een groepje dorpelingen dat naar ons kijkt terwijl wij onze tassen pakken en vanaf het vliegveldje zó het dorp in lopen. Haydom is weinig meer dan een nederzettinkje rondom het Noorse ziekenhuis dat nu langzaam overgaat in Tanzaniaanse handen. Het ziekenhuis lijkt eerder een park, met afdelingen ondergebracht in verspreid gelegen, elegante ronde paviljoens. Van alles gaat een aangename rust uit.
Als we aankomen bij het research building kan ik een grijns niet onderdrukken. In tegenstelling tot de andere gebouwen van HLH ontbeert dit gebouw alle sierlijkheidheid: het bestaat uit een bonte verzameling oude zeecontainers.
Maar eerste indrukken bedriegen: de binnenkant is verrassend anders. De containers zijn geplaatst in een groot vierkant en dienen als werkruimtes rond een binnenplaats overdekt met een hoog dak op een lichte houten constructie. Aan alles is veel aandacht gegeven; het maakt me nieuwsgierig naar de architect van het geheel.
Na het werk wandelen we in de namiddag terug naar de airstrip. Nadat het vliegtuigje opnieuw is getrimd vanwege het extra labmateriaal dat we me mee terug nemen, en een dankgebed van onze piloot, vliegen we vol van indrukken terug naar Moshi airport.
Gazelle
Ik werd vanmiddag gebeld door “Machame Bob” met de vraag waar wij wonen. Bob, de man uit Nebraska die al jaren het ziekenhuis in Machame draaiend houdt, “had a delivery”. Ik had geen idee wat het kon zijn, misschien iets van de Utrechtse co-assistenten die er soms meelopen? Toen ik thuiskwam, rende Ida me al tegemoet: “Pap! We eten vanavond gazelle!” Vanmiddag kwam Bob langs met een flinke gazellebout in een plastic zak waar het bloed nog uit droop. “I thought you guys would be in for that kinda’ thing.”
Sure! Terwijl Doris kilo’s aardappels tot frietjes sneed — met twee gasten erbij gaat drie kilo zó op — fileerde ik de gazelle. Op advies van Bob maakte ik het vlees heel eenvoudig klaar, met grofgehakte ui, zout, peper en wat knoflook-poeder. Dan bakken als biefstuk, alleen iets langer voor de veiligheid.
De smaak is als biefstuk met een hint van wild, heerlijk. Frites en versgedopte erwten erbij … iedereen at zijn vingers erbij op!
De kleine lettertjes: stropen gebeurt hier veel — het is triest genoeg zelfs niet moeilijk om aan olifant te komen — maar Bob heeft een jachtvergunning en heeft deze gazelle legaal geschoten.
Dust Road
We zijn inmiddels wel wat gewend als het gaat om rough, off en dirt road driving, maar deze weg over de vlakte ten zuiden van TPC zette een heel nieuwe standaard voor het begrip dust road. Het was ook de keer dat Ida terloops opmerkte dat ze krokodillen had gezien bij de rivier waar ze aan het spelen was met vriendjes.
Moshi Campus News – M2 Art at KCMC
Two weeks ago, the M2 class welcomed Doctor Marieke Dekker (a neurologist at KCMC Hospital) into their tutor class as a guest speaker. Throughout the school year, the students have been working on a collaborative service activity in which the aim was to create art for the children’s ward at KCMC Hospital. Students raised money, during a very successful bake sale, and also collected toys and games as donations.
Dr. Marieke came to talk to the students about her work, the historical connection between KCMC and ISM and the difficulties she faces as a doctor here. She also explained to the students why there are currently no art and toys in the ward and the importance of art for recovery in sick people. Students had the chance to ask the doctor questions and were able to present their paintings to her explaining what they did.
A BIG thank you to Dr. Marieke for her visit. We hope to keep developing this service activity and do more work with KCMC in the future.
Vicky Twee!
Imperiaal
Om bij een volgende kampeertocht niet weer alle kinderen tussen de bagage in het ruim van de Land Rover te hoeven schoenlepelen, zocht ik al een tijdje naar een tweedehands roof rack. Dat bleek niet eenvoudig, maar ik vond wel iemand die het van een ontwerp zou kunnen maken: Hop, de lasser van KCMC. Nu nog een ontwerp.
Maar natuurlijk! Op onze Series II in Nederland zit een originele Brownchurch, en ik ken iemand van heel nabij die daarvan de perfecte bouwtekening zou kunnen maken … Kortom, twee dagen later stuurde mijn vader mij een bouwtekening en stuklijst getiteld “Imperiaal Tank Marco”. De maten blijken op de millimeter overeen te komen met die van onze Defender hier. En dan te bedenken dat de twee auto’s veertig jaar na elkaar gebouwd werden.
Met nog twee aanpassingen in het ontwerp ging Hop aan de slag: het pootje in het midden (ter hoogte van het kwetsbare dakraampje) vervingen we door extra pootjes voor en achter, en het geheel maakten we 50mm lager omdat de auto hier geen tropendak heeft. Terecht vol trots kwam Hop een paar dagen later vertellen dat het roof rack klaar was. Hij vertelde me dat hij dit nog niet eerder had gelast, en wilde graag het ontwerp houden voor een volgende keer. Voilà, capacity building! 🙂
Zondag ben ik met Ida en Hugo de imperiaal gaan ophalen bij de werkplaats van KCMC. Natuurlijk zaten ze erbovenop toen we het erf van ons huis weer opreden …
Terwijl Hop het afmonteren deed, liep ik met Ida en Hugo rond door de in zondagsrust gedompelde ruimtes van de facilitaire dienst van het ziekenhuis: werkplaatsen voor de lasser en rolstoelmonteur, de timmerman, gasfitter, elektricien, de zuurstof- & stikstofmachines, de wasvrouwen én de kleermaker die in alle rust boorden aan nieuwe groene operatiejassen zette.
De tuin 10 maanden later
Toen we hier kwamen wonen was de tuin een kale vlakte. Het huis was lang onbewoond geweest en dus was de tuin was ‘gekraakt’: er groeiden — zoals op ieder braak stukje grond in Moshi — mais en bonen. Kort voordat we kwamen was in opdracht van de beheerder van de KCMC-huizen de tuin volledig ge-slasht. Die troosteloze aanblik verdween, onder de handen van tuinman Sebastian, gelukkig al vrij snel. De warmte en de regens deden de rest: tien maanden later herken je de tuin van toen niet meer terug.
World TB Day
Vandaag 131 jaar geleden ontdekte Robert Koch de bacil die Tuberculose veroorzaakt. Per jaar sterven naar schatting anderhalf miljoen mensen aan tuberculose, na HIV/AIDS de belangrijkste doodsoorzaak door een infectieziekte.
Er is geen effectief vaccin; de diagnose en behandeling van tuberculose zijn kostbaar en langdurig; het aantal medicijn-resistente varianten neemt toe. In 2012 zijn de eerste gevallen van total drug-resistance gedocumenteerd. Het is denkbaar dat we over een aantal jaar wereldwijd — dus niet alleen in de Derde Wereld — terug zijn bij waar we vóór 1946 waren, toen tuberculose nog onbehandelbaar was, en 1 op de 2 patiënten bij wie de ziekte actief werd, overleed.
Het project waar ik 80% van mijn tijd aan besteed is een clinical trial naar een behandelmethode die beoogt de behandelduur (6 maanden!) van TB te verkorten. Dit niet alleen vanwege het gerief van de patient, maar ook vanwege het bevolkingsrisico van medicijn-resistente bacteriën. Vergelijk het met een antibioticumkuur die je niet afmaakt, maar dan een waar je een half jaar aan moet denken in plaats van tien dagen.
PS: Ik realiseer me dat ik op onze blog nog nauwelijks heb geschreven over mijn werk hier. In onze nieuwsbrieven voor Fidesco had ik dat al wel gedaan. De tweede nieuwsbrief valt binnenkort in je bus als je je aangemeld hebt of ons via Fidesco steunt. Maar binnenkort ook meer op de blog.