Steven (4) is begonnen te lezen. In 3 talen! Nederlands, Engels en kiSwahili. Vandaag kreeg hij van de juf zijn eerste Reading Record.
Author: marieke
De geodriehoek
De laatste weken is het druk geweest. Die conclusie trok ik gisteren toen ik mijn schoenen uitdeed.
Om 7 uur ‘s ochtends ging ik van huis, met in mijn kielzog vier Amerikaanse psychiaters van Brown University. Die liepen 2 weken met ons mee, omdat hun geplande serie lezingen in Kenia afgelast was omdat ze van de Amerikaanse ambassade halsoverkop het land moesten verlaten vanwege de politieke onrust. Zo kwamen ze met mij in contact en konden ze hun onderwijs op KCMC geven, en de week erna in de Arusha Mental Health Trust. KCMC heeft namelijk geen enkele geestelijke gezondheidszorg. Geen psychiaters, psychologen of maatschappelijk werkers. Wel priesters, kapelaans en ‘n imam- iets dat naar verluidt als argument gebruikt werd door het ziekenhuisbestuur dat GGZ geen voorrang heeft. Dat betekent dat het psychiatrieonderwijs in het geneeskundecurriculum ook weinig voorstelt en er artsen worden opgeleid die weinig besef hebben van de ziektelast, diagnostiek en behandeling van psychiatrische aandoeningen. Deze lezingen waren dus eigenlijk een mooie meevaller voor onze artsen. Toen ik na een week afscheid van ze nam en de taxi naar Arusha al klaarstond, bleek dat er daar ook een bomaanslag was geweest! En ja, als Amerikaan heb je dan weer naar je benauwde ambassade te luisteren. Zo bleven ze ook de tweede week, en mocht ik Moeder Gans blijven spelen. Gisterenochtend liep ik, of liever: ploegde ik met ze naar het ziekenhuis. Midden in het regenseizoen is de weg ‘s morgens een enkeldiepe modderbaan. Daarom had ik inderhaast mijn bergschoenen aangetrokken. (Mijn laarzen waren spoorloos nadat Vicky er de avond daarvoor poedelnaakt in had rondgeparadeerd toen ze uit bad kwam. Ze bleek ze keurig naast haar ledikantje te hebben gezet.) Het liep niet zo makkelijk op die modderschuiten, maar we hadden geen tijd over en moesten snel naar de overdracht. Toen daar bleek dat er 2 patienten met een verdenking Guillain-Barré syndroom en myelitis transversa waren opgenomen, gingen we die na de overdracht maar meteen beoordelen. Intussen was mijn poli al begonnen en haastten we ons weer naar de andere kant van het ziekenhuis. Twee uur later bedacht ik me dat ik die vervelende schoenen maar even moest verwisselen voor mijn dunne werkschoenen. Snel naar de EEG-kamer, bergschoenen uitgetrokken en… wat viel er uit mijn rechterschoen? Een geodriehoek. Een ge-o-driehoek! Vier uur op rondgelopen. Tijd voor het lange Paasweekend dus!
Vandaag echter, op Goede Vrijdag, diende het volgende project zich alweer aan. Eentje van ‘n andere orde!
Zojuist hebben we namelijk 6 studenten van het United World College Maastricht van het vliegveld gehaald. Deze IB-studenten (2 uit Nederland; 1 uit België, 1 uit Oeganda/Zuid-Soedan; 1 uit Namibië en 1 uit Libië) komen hier 2 weken meedraaien in een ontwikkelingsproject, en met mij. Ze verblijven op de ISM Campus, en kunnen zo kennismaken met hun jaargenoten op ‘n Afrikaanse zusterschool. ISM zou zich namelijk zelf ook graag tot een UWC willen ontwikkelen. Het organiseren van deze trip was een hele klus en allemaal liefdewerk-oud papier, maar wat vinden Marco en ik het leuk om weer even bezig te zijn met United World Colleges!
De studenten verblijven op de schoolcampus, vlakbij ons eigen huis. De kinderen hadden, samen met hun vriendjes, het Boarding House al versierd met vlaggetjes, slingers en welkomstteksten zodat het huisje er nog lieflijker uit zag dan het al deed, met een enorme reizigerspalm bij de veranda. Terwijl Doris en ik in de woonkamer een sliert vlaggen stonden vast te knopen, keek ik naar buiten door het raam- recht in het gezicht van een volledig gehelmde en bewapende man. Toen ik rondkeek, zag ik er nog vier! Een van hen keek schaapachtig door de hordeur naar binnen, en 6 kinderen en 1 moeder behangen met vlaggetjes keken even schaapachtig terug.
Wat bleek? Een van de kinderen (en tot op heden blijft in het midden wie: Ik? Nee hoor? Echt niet! Hij was het! Nee, hij!) heeft waarschijnlijk de Panic Button ingedrukt van het alarmsysteem waarvan ik niet eens het bestaan vermoedde, en zo kwam het beveiligingsbedrijf van de school in volle uitrusting uitrukken. Ze konden er zelf ook wel om lachen… en zo kregen de kinderen een lift naar beneden van ze, terug naar ons huis!
Sylvia en Nizare
De KCMC EEG Unit kan er weer even tegen nu Sylvia Arpots, de KNF-laborante die vorig jaar haar Tanzaniaanse collega’s kwam bijscholen, er weer is! Samen met haar gezin is ze voor de tweede keer een paar maanden in Tanzania. Haar 2 kinderen hebben zich naadloos aangepast aan hun tijdelijke schoolomgeving op ISM en zitten gezellig bij Steven en Hugo in de klas.
Deze 6 weken staan in het teken van EEG-onderwijs voor EEG-nurses, artsen en coassistenten. Vorig jaar werd Sylvia meteen in het diepe geworpen: op dag 1 kreeg ze al ‘n kind aangereikt terwijl ze het apparaat nog niet eens had uitgeprobeerd en de plaatselijke EEG-zusters onvindbaar waren. Dat eerste bezoek was hard nodig, maar wierp meteen vruchten af. De Unit was toen al jaren buiten gebruik, ik was er zelf nog maar net, en de EEG-zuster die er destijds werkte kon zich nog maar gedeeltelijk vrij maken voor de EEG-registraties. We moesten zo in heel weinig tijd en met nog minder middelen nieuwe ‘laboranten’ trainen.
Nu heeft ze een jaar lang nagedacht over verbeterpunten, en die tot in detail voorbereid. Dat deed ze samen met Nizare Henriquez, haar collega van de Epilepsie-unit van UMC Utrecht. Nizare heeft vergelijkbaar werk gedaan voor een Surinaams ziekenhuis en is vertrouwd met de gedateerde Nihon Kohden machine die we in Tanzania gebruiken, omdat hij in deeltijd bij dezelfde firma werkt. Al voor Sylvia’s komst zat ik geknield in de plas met water die het EEG-apparaat toen nog omgaf (zie het emmer-epos), om op hun verzoek detailfoto’s te maken van de headboxverbindingen.
We waren in een jubelstemming toen Sylvia eindelijk, met een 10 meter lange kabel langs de buitenkant van het gebouw internetverbinding kon krijgen via het patiëntenarchief verderop (omkoopsom voor de bedelende archiefmedewerkers: een luxepak koekjes. Iedereen blij!). Zo kon Nizare op 8000 km afstand de machine overnemen en de software inzien. Een onvergetelijk moment omdat we Nizare (die op dat moment dienst had op de Intensieve Monitoring Unit voor epilepsiechirurgiepatiënten in Utrecht) de cursor over het scherm zagen bewegen, de instellingen bekijken en veranderen, terwijl wij in de zomerhitte op een open galerij zaten, met krekeltjes en het rumoer van de Spoedeisende Hulp op de achtergrond. De dag erna deden we een EEG bij een pasgeborene- maar wat had Nizare nou met de kanaalinstellingen gedaan? De met moeite tot stand gekomen internetverbinding was inmiddels weer verbroken… Met kunst- en vliegwerk kregen we een goede registratie.
Ik trof Sylvia na het baby-EEG in gedachten verzonken aan, puzzelend met de mogelijke verklaringen, en de elektroden op haar eigen voorhoofd om de proef op de som te nemen: dat is KNF in Afrika!
Ongelooflijk veel waardering en respect voor Sylvia Arpots en Nizare Henriquez van UMC Utrecht voor hun tijd, creativiteit en inspanningen.
De Versierwedstrijd
Bovenstaande foto is niet een van de zuiverste, maar het was erg druk om me heen. Het is namelijk Kerstavond, in de wachtkamer van de Eerste Hulp, waar door het SEH-personeel een kersttafereel is uitgebeeld. Elk jaar ziet het ziekenhuis eruit als een grote kerstboom, inclusief dennentakken die hier op de hellingen van de Kilimanjaro makkelijk te vinden zijn. De afdeling met de mooiste versieringen wint een prijs. De Maasai man op de voorgrond vond het prima om te figureren in mijn foto. Vandaag moest ik ook meermaals langs het SEH-kerststalletje, maar pal ervoor staat al de hele ochtend een brancard met een afgedekt lichaam.
Leven en dood zijn innig verstrengeld. de Eerste Hulp dient, naast spoedingang voor bevallende dames die soms de verloskamers niet op tijd bereiken, ook als ingang voor het mortuarium.
De hoofdzusters van de kinderafdeling poseren trots voor hun creatie. In het doosje ligt een bruine babypop liefdevol ingestopt. De linker dame, Dafrosa, is ook onze EEG-zuster-in-opleiding.
Kerstknuffels in KCMC
Vandaag deelde ik op de kinderafdelingen knuffels uit. Voor de meeste kinderen is een knuffel iets dat ze nog nooit gezien hebben, laat staan in hun handen gehad. De blikken op hun gezichtjes spreken boekdelen. De verpleging achtervolgde me tot alle kinderen bedeeld waren; zelfs de hoofdzuster wilde er zó graag eentje hebben.
… met dank aan de (vrouwen, kinderen, buren, dorps- en schoolgenootjes van de) Mannen van Ons Genoegen die koffers vol verzamelde knuffels meebrachten naar hun 25-jarig jubilleum in Tanzania!
Probleemgestuurd denken

Het is regentijd, dus door het hele ziekenhuis zie je weer bakjes, emmers en stukken landbouwplastic om de lekkages op te vangen: de Kerstdecoratie.
Vochtige grond is het paradijs voor de clostridiumbacterie, de veroorzaker van tetanus. Het vaccinatieprogramma om de kinderen in Tanzania te beschermen tegen tetanus werd pas een paar jaar geleden van kracht. Op de IC liggen nu dan ook 4 volwassenen met tetanus op een rij.

Een waterballet ook op de EEG-kamer. Al drie maanden is er een hele gewone lekkage, namelijk van de wasbak. De oplossing van de verpleging was een emmer. Die emmer bleef echter overstromen in de weekends, als ik er niet was om hem te legen. Ik gaf aan dat er toch echt een loodgieter moest komen om dit simpele lekje te verhelpen. Er vond overleg plaats tussen de schoonmaaksters, verpleging en het hoofd van de poli waar mijn EEG-kamer onder valt. Trots kwamen ze hun oplossing tonen. Een grotere emmer. Met een kraantje, voor de mzungu daktari.

Maar of de loodgieter toch niet even kon komen. Toen moest er een brief voor worden opgesteld. Aan de Executive Director. Dat ik een lekje had bij de wasbak, en of dat verholpen kon worden.
Het lekje werd echter een lek en dagelijks overstroomde ook de grote emmer. Weer beraad. De oplossing was nu dat de schoonmaaksters maar liefst elke dag kwamen dweilen, en mijn natte spullen uit het water vissen. Inmiddels oogde en rook de EEG-kamer als een spelonk, met vochtplekken en schimmel. Alle apparaten staan op stukken piepschuim en klossen en als de zon schijnt liggen mijn spullen te drogen op het platte dak. Patienten werd verteld dat ze hun tas maar even op schoot moesten houden met al dat water. En mijn prachtige breinmodellen lagen keer op keer te marineren in het vocht.
We zijn drie maanden verder en gisteren was er een doorbraak! Mijn EEG-zuster Vivian, moe van het rondklossen in de plas rond de machine, heeft de loodgieters maar aan de hand meegevoerd om ze te laten kijken. Tja, een lekje. Daar was een nieuw slangetje voor nodig. Dat slangetje, tja, dat moest besteld worden. Daar moest ik een brief voor opstellen. Aan de Executive Director. Of ik een slangetje mocht. Voor een lekje.
UIteindelijk zijn Vivian en ik maar op de balustrade geklommen en hebben de waterafvoer maar gewoon definitief dichtgedraaid. We zien het wel…
Goud
Queenie
Naast het EEG-spreekuur begon de de visite vanmorgen op de kinderafdeling, en erna 1 verdieping hoger op de interne geneeskunde. Samen met collega William en aspirant-neuroloog Rashid zien we een hoop interessante patienten. De patiëntenpopulatie van vandaag bevatte 2 pasgeborenen met spina bifida, een overlevende van tetanus (minstens de helft van de patiënten overlijdt hier), cutane anthrax (miltvuur) in het hoofdhalsgebied van een kruideniersjongen die geslachte geiten over zijn schouder gedragen had, en patienten in alle leeftijden met eindstadium AIDS en HIV-encephalopathie. Never a dull moment.
En verder is er de 1-jarige Queenie, die nu 2 weken opgenomen ligt. Ze komt uit Himo, een stoffig en straatarm kruispunt van de wegen die naar de kust en naar Kenia voeren. Haar ouders hebben haar verlaten en grootmoeder Mama Boni zorgt nu voor haar.

Oma’s roepen snel de associatie op van lieve grijsharige dames die altijd wel een snoepje of kadootje in hun tas hebben. Mama Boni is echter nog maar halverwege de veertig, hier geen jonge leeftijd voor het grootouderschap. Ze is een alleenstaande boerin met een lapje land om te bewerken en woont in een halfopen hut. Ze heeft niemand die haar kan ondersteunen in de kosten van de dure ziekenhuisopnamen voor haar kleindochter. Queenie heeft een ontwikkelingsachterstand vanwege een ernstige perinatale asfyxie met epilepsie en een ronduit belabberde slikfunctie. Dit laatste zorgt ervoor dat ze keer op keer met een longontsteking in het ziekenhuis belandt. Een PEG-sonde om dit risico te omzeilen en de voedingstoestand te verbeteren zou een uitkomst zijn, en de gastroenterologen in KCMC hebben dat (in het Nijmeegse Radboud!) geleerd, maar een kinderscoop of sondes in deze kleine maatjes ontbreken nog steeds.
Deze oma ziet keer op keer haar kleindochter opgenomen worden, alhoewel ze daar geen geld voor heeft. En telkens zit ze op het bed van het meisje te snikken omdat ze de opname niet kan betalen. Queenies epileptische aanvallen namen toe tijdens de opname: de reden bleek geen geld voor de volgende doos anti-epileptica. We brachten een neusmaagsonde in om het kind beter te voeden en kwamen er na een paar dagen achter dat er alleen water doorheen ging: Mama Boni had geen geld voor de pap.
Bij wijze van uitzondering ben ik op zoek gegaan naar een manier om deze grootmoeder en haar kleinkind financieel te ondersteunen. Ik ken het kind en de grootmoeder al een jaar en soms is het zo moeilijk langs dit soort leed ‘op te werken’. Je kunt echt niet de hele wereld redden, maar concrete problemen vragen soms gewoon om een oplossing. Al kunnen we Queenies neurologische aandoening niet verhelpen, we maken het nu in ieder geval mogelijk dat zij en haar oma de komende 2 jaar een extra potje hebben voor eten, medicijnen en de onvermijdelijke volgende ziekenhuisopname.
Update: lees hier het vervolg.
Vakantie
Het kaartje voor de achtbaan
In de drukke eerste Quarter op school ben ik naar het Wereldcongres Neurologie geweest in Wenen. Ik was zo fortuinlijk om een reisbeurs te winnen, die me qua vliegreis echter tot boven de Sahara bracht- waarop het tekort is bijgelegd door Cecile Magis en een geweldige ex-polibezoekster van ons beiden uit het Radboud. Hartverwarmend! Op de heenreis kon ik nog paranimf zijn bij de verdediging van Ceciles proefschrift in het Radboud. Zij promoveerde op een tuberculose-onderzoek dat onder meer in, jawel, Moshi is uitgevoerd. Op weg naar Schiphol ook nog een trombo-emboliesymposium meegepikt, omdat de ontwikkelingen op antistollingsgebied pijlsnel gaan en ik daar nauwelijks iets van meekrijg in Afrika.
Aangekomen in Wenen zag ik met een grijns de lange muur met deelnemers (7000 uit 170 landen), en mijn naam als enige gedelegeerde uit Tanzania. Direct rechts daarvan stond namelijk de kolom met ‘The Netherlands’.
Het congres was erg leuk, met lange dagen met lezingen en workshops, onze posterpresentatie van de eerste serie Stiff Person Syndrome patiënten uit Afrika, en veel ontmoetingen met collega’s uit Afrika en die uit Europa en de VS met banden en belangen met Oost-Afrika. Ik deelde een hotelkamer met een neurologe uit Nairobi, met wie ik al langer projecten voorbereidde maar die ik nog nooit ontmoet had. Ironisch genoeg vond op de dag dat we elkaar in Wenen zagen de aanslag op het winkelcentrum in Nairobi plaats, waar zij naast woonde.
De week was als een achtbaanritje waarbij ik zelf op de startknop had gedrukt, met een paar grote successen. Allereerst werd Tanzania unaniem aangenomen als nieuwe lidstaat van de Wereldfederatie Neurologie. Verder hebben we maar liefst 2 Grants-in-Aid in de wacht gesleept! De ene stelt ons in staat de opleiding neurologie in Tanzania op te starten. De andere is bedoeld om de opleidingsbehoefte en potentiële -faciliteiten in kaart te brengen in de gehele East African Community (Tanzania, Kenia, Oeganda, Rwanda en Burundi).
Van beide projecten ben ik de coördinator. De beurzen zijn echter niet bestemd voor mij en vormen geen alternatief voor een salaris. Ze zijn bedoeld voor het bekostigen van het dure buitenlandse opleidingsjaar van de trainees, en het EAC-samenwerkingsproject. Ze vereisen echter wel aanwezigheid van een coördinator, dus ik heb van de gelegenheid en de feeststemming rondom de Grants gebruik gemaakt om onze eigen situatie in Tanzania nog eens onder de aandacht te brengen bij de Europese en internationale instanties met interesse in het ontwikkelen van neurologie in de regio Oost-Afrika.